Beleid en business case

Vrachtwagenheffing, terugsluis en ERE-E

De terugsluis van de vrachtwagenheffing verlaagt de investeringsdrempel voor emissievrije trucks, laadinfra en logistieke innovatie. Voor laadpleinen, depots en logistieke hubs kan ERE-E daar bovenop extra waarde creëren tijdens de exploitatie, mits de elektriciteit aan vervoer goed wordt gemeten en onderbouwd.

9 juni 2026·PYK Power·7 min leestijd
Logistieke infrastructuur en zwaar wegtransport

Waarom dit relevant is

De vrachtwagenheffing verandert meer dan alleen de kosten van wegtransport. De netto-opbrengsten worden via de terugsluis gebruikt om de vervoerssector te verduurzamen.

Daarmee ontstaat een bredere businesscase voor duurzaam wegtransport. De heffing financiert subsidies en maatregelen voor emissievrije vrachtwagens, private laadinfrastructuur, waterstofmobiliteit en logistieke efficiëntie.

ERE-E werkt aanvullend op die ontwikkeling. De terugsluis helpt vooral bij de investering in voertuigen, laadinfra en innovatie. ERE-E kan daarna tijdens de exploitatie extra waarde creëren uit elektriciteit die aantoonbaar aan vervoer wordt geleverd.

Wat de vrachtwagenheffing doet

De vrachtwagenheffing is een kilometerheffing voor vrachtwagens. Vanaf 1 juli 2026 betalen binnen- en buitenlandse eigenaren van vrachtwagens in Nederland per gereden kilometer op vrijwel alle snelwegen en op een aantal provinciale en gemeentelijke wegen.

De heffing geldt voor vrachtwagens met een technische maximummassa van meer dan 3.500 kilogram. De hoogte van de heffing hangt onder meer af van de kenmerken van het voertuig.

Voor transportbedrijven wordt de keuze voor zero-emissie vervoer daardoor niet alleen een duurzaamheidsvraag, maar ook steeds meer een bedrijfseconomische vraag. Fossiel vervoer krijgt een extra kostencomponent, terwijl de overheid een groot deel van de opbrengsten inzet om de overstap naar schoner vervoer te ondersteunen.

Wat terugsluis betekent

Terugsluis betekent dat opbrengsten uit de vrachtwagenheffing worden teruggebracht naar de vervoerssector.

Dat gebeurt via subsidies, projecten en maatregelen die ondernemers helpen om te investeren in schoner en slimmer wegtransport. De gedachte is duidelijk. De sector betaalt een heffing, maar de netto-opbrengsten worden gebruikt om dezelfde sector te helpen verduurzamen.

Voor de periode 2026 tot en met 2030 is hiervoor meer dan 1,6 miljard euro beschikbaar. Dat geld wordt ingezet voor maatregelen die de overstap naar emissievrij en efficiënter goederenvervoer moeten versnellen.

Welke regelingen hierdoor zijn ontstaan

De terugsluis financiert meerdere regelingen en maatregelen. De bekendste is AanZET, de Aanschafsubsidieregeling Zero-Emissie Trucks. Deze regeling verlaagt de aanschafdrempel voor nieuwe emissievrije vrachtwagens.

Daarnaast is SPriLa belangrijk voor bedrijven die private laadinfrastructuur willen realiseren. Deze regeling ondersteunt investeringen in laadpunten op eigen terrein. Dat is relevant voor depotladen, logistieke hubs en bedrijven die hun eigen elektrische trucks willen laden.

Ook SWiM past binnen deze lijn. Deze regeling ondersteunt waterstof in mobiliteit, waaronder waterstoftankstations en waterstofvoertuigen.

Naast voertuigen en infrastructuur zijn er maatregelen gericht op logistieke efficiëntie, samenwerking in de keten, meten en verbeteren van CO2-emissies en onderzoek naar innovaties zoals rijdend laden.

Samen zorgen deze regelingen ervoor dat investeren in duurzaam wegtransport beter financierbaar wordt.

Verlaging van de heffing en effect op de terugsluis

In 2026 is besloten om de tarieven van de vrachtwagenheffing tijdelijk te verlagen. Die verlaging is bedoeld als lastenverlichting voor transportbedrijven.

Volgens de huidige kabinetscommunicatie heeft deze tijdelijke verlaging geen gevolgen voor de hoogte van de terugsluis en de bijbehorende subsidies voor elektrische vrachtwagens en laadinfrastructuur. De budgettaire derving wordt op een andere manier gedekt.

Dat is belangrijk voor de businesscase. De tijdelijke verlaging kan de kostenkant voor transporteurs beperken, terwijl regelingen zoals AanZET en SPriLa beschikbaar blijven om de overstap naar emissievrije vrachtwagens en laadinfrastructuur te ondersteunen.

Hoe dit de businesscase verbetert

De terugsluis verbetert vooral de investeringskant van de businesscase.

Een elektrische truck is vaak duurder in aanschaf dan een dieseltruck. Een laadplein of depotlaadoplossing vraagt om investeringen in laders, netaansluiting, civiele werkzaamheden, eventueel batterijopslag en energiemanagement. Subsidies uit de terugsluis kunnen een deel van die investeringsdrempel verlagen.

Daardoor wordt de stap naar elektrisch vervoer realistischer. Transportbedrijven kunnen eerder investeren in emissievrije voertuigen. Laadpleinexploitanten en logistieke hubs kunnen eerder investeren in laadcapaciteit. En opdrachtgevers krijgen eerder toegang tot schoner vervoer.

De terugsluis werkt dus niet als één losse subsidie, maar als een pakket dat de markt richting zero-emissie wegtransport duwt.

Waar ERE-E aanvullend op werkt

ERE-E ontstaat niet door de vrachtwagenheffing en ook niet door het ontvangen van subsidie. ERE-E ontstaat alleen onder voorwaarden wanneer elektriciteit aan vervoer wordt geleverd en correct wordt ingeboekt in het Register Energie voor Vervoer.

De koppeling zit in de exploitatie. Als door de terugsluis meer elektrische trucks worden aangeschaft en meer laadinfra wordt gebouwd, ontstaat er ook meer laadvolume. Dat laadvolume kan onder voorwaarden ERE-E waarde creëren.

Voor een laadplein, depot of logistieke hub betekent dit dat de businesscase uit meerdere lagen kan bestaan. Subsidies kunnen helpen bij de investering. ERE-E kan aanvullend waarde creëren tijdens het gebruik van de infrastructuur, zolang de levering aan vervoer goed is gemeten en het dossier klopt.

Daarmee verschilt ERE-E van subsidie. Een subsidie verlaagt meestal de investeringskosten vooraf. ERE-E is een marktwaarde die kan ontstaan uit kwalificerende kWh tijdens exploitatie.

Waarom dit belangrijk is voor laadpleinen en logistieke hubs

Voor laadpleinen en logistieke hubs is de combinatie van terugsluis en ERE-E interessant.

De terugsluis kan helpen om elektrische trucks en laadinfra sneller van de grond te krijgen. ERE-E kan daarna extra opbrengst geven op de elektriciteit die daadwerkelijk aan wegvervoer wordt geleverd.

Die waarde komt niet automatisch. Het moet duidelijk zijn welke elektriciteit aan kwalificerend vervoer is geleverd, via welk bemeterd leverpunt dit is vastgesteld en wie de levering mag inboeken of laten inboeken.

Daarom is het verstandig om bij nieuwe laadinfra niet alleen naar subsidie, vermogen en netaansluiting te kijken, maar ook naar de latere exploitatie. De meetstructuur, rolverdeling en datakwaliteit bepalen mede of ERE-E waarde later verzilverbaar wordt.

Lees verder over ERE-E voor laadpleinen en charging hubs.

De geldstroom is anders dan bij subsidie

Bij de terugsluis loopt de geldstroom via de overheid. De vrachtwagenheffing levert opbrengsten op. Die opbrengsten worden vervolgens via subsidies en maatregelen ingezet om de sector te verduurzamen.

Bij ERE-E loopt de geldstroom via de markt. Bedrijven met een brandstoftransitieverplichting hebben ERE’s nodig om aan hun verplichting te voldoen. Zij kunnen ERE’s kopen van partijen die hernieuwbare energie aan vervoer hebben geleverd en daardoor ERE’s hebben opgebouwd.

Dat maakt ERE-E commercieel interessant voor exploitanten van duurzame transportinfrastructuur. De waarde kan rechtstreeks bijdragen aan de exploitatie van een laadplein, depot of logistieke hub.

Hoe PYK Power hierbij kijkt

PYK Power kijkt naar subsidies, laadinfra en ERE-E als onderdelen van dezelfde businesscase.

De terugsluis kan helpen om elektrische trucks en laadinfra te financieren. ERE-E kan daarna helpen om de exploitatie van die infrastructuur sterker te maken. De waarde zit dan niet alleen in het laadtarief, maar ook in de verhandelbare waarde die kan ontstaan uit aantoonbare elektriciteitslevering aan vervoer.

PYK Power ondersteunt partijen bij het inzichtelijk maken van ERE-E potentieel, meetdata, dossieropbouw en commerciële verzilvering. Daarnaast ontwikkelt PYK Power een platform voor realtime inzicht in meetdata, indicatieve ERE-E waarde en dossierstatus.

Waar de data dat toelaat, kan het ERE-E potentieel op sessie- of leveringsniveau inzichtelijk worden gemaakt. De formele inboeking blijft afhankelijk van de geldende voorwaarden, verificatie en beoordeling van het dossier.

Korte samenvatting

De vrachtwagenheffing financiert via de terugsluis subsidies en maatregelen voor duurzaam wegtransport. Denk aan emissievrije trucks, private laadinfrastructuur, waterstofmobiliteit en logistieke innovatie.

Daarmee verbetert de terugsluis vooral de investeringskant van de businesscase. De recente tijdelijke verlaging van de vrachtwagenheffing verandert volgens de huidige kabinetscommunicatie niets aan de hoogte van de terugsluis en de bijbehorende subsidies voor elektrische vrachtwagens en laadinfrastructuur.

ERE-E werkt aanvullend tijdens de exploitatie. Wanneer elektrische trucks daadwerkelijk laden en de elektriciteit aan vervoer goed wordt gemeten en onderbouwd, kan ERE-E extra waarde creëren.

Voor laadpleinen, depots en logistieke hubs is de kern dus niet alleen subsidie binnenhalen. De businesscase wordt sterker wanneer investering, exploitatie, meetdata en ERE-E waarde goed op elkaar aansluiten.

Gerelateerde artikelen

Bespreek uw laadpleinbusinesscase

PYK Power voert een compacte ERE-E scan uit op locatie, sector, meetketen, data, bewijspositie en mogelijke waarde.